zaterdag 5 mei 2018

door Frans-Vlaanderen van Eecke naar Cassel

Door Frans-Vlaanderen tussen Catsberg en Cassel. Start vanuit Eecke.
Parkoers: Eecke – Saint-Sylvestre-Cappel – Terdeghem – Cassel – Oxelaere – Saint-Marie-Cappel – Saint-Sylvestre-Cappel – Eecke.
De route had ik thuis voorbereid en op mijn GPS opgeladen. Het kerkje van Eecke was mijn vertrekpunt. Het dorpje ligt ten zuiden van Steenvoorde en ongeveer halverwege tussen Cassel en de Mont des Cats. De houten klokkentoren of “Klockhuis” van Eecke staat midden het kerkhof naast  het kerkje.
Ik stapte eerst richting Saint-Sylvestre-Cappel en daarna naar het piepkleine Terdeghem. Voor mij lag het kleine stadje Cassel boven op de gelijknamige heuvel en achter mij de Mont des Cats. Ik wandelde een poosje naast de prille Ey Becque of Heidebeek die wat verderop de grens vormt tussen België en Frankrijk en in Haringe in de Ijzer uitmondt.
Net voor Terdeghem bereikte ik het traject van de GR128 of Frans-Vlaanderenroute. Deze GR-route zou ik verder volgen tot Cassel. Het Café-rando “Estaminet Kerk hoek” in Terdeghem bleek helaas gesloten op zaterdagvoormiddag. Dus dronk ik maar een slok water op een bankje voor het café. Het dorpje lag er heel rustig en vredig bij op deze mooie zaterdagmorgen.
Daarna ging het langzaam bergop. Ik passeerde eerst langs de flank van de Mont des Récollets (of Wouwenberg) en begon daarna aan de beklimming naar Cassel. Onderweg kon ik genieten van enkele mooie panorama’s en ik waagde mezelf aan een selfie. De Mont Cassel is 176 meter hoog en is daarmee de hoogste heuvel van de Frans-Vlaamse Westhoek. In het café “Aux Trois Moulins” bij de kerk van Cassel trakteerde ik mezelf eerst op een frisse pint en wandelde daarna tot helemaal boven tot bij de Casteelmeulen. In het park bij de molen staat het monument van maarschalk Foch, die hier tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn hoofdkwartier had. Van hieruit wordt men bellond met prachtige vergezichten over het “Pays de Cassel”. In het landschap kan men nog duidelijk enkele van de “kaarsrechte” heerwegen ontwaren die in de Romeinse tijd vanuit het Castellum Menapiorum vertrokken. Vooraleer ik aan de terugtocht begon, genoot ik op het stemmige marktplein nog van een Picon Vin Blanc.
Ik daalde af tot bij de kleine dorpskern van Oxelaëre, een pittoresk dorpje aan de voet van de Mont Cassel. De mooie kleine Sint-Maartenskerk is een bezoek waard, maar het gebouw was gesloten. Wat verder staat de “Ferme des Templiers”. In het winkeltje bij de boerderij kan men allerlei  producten kopen zoals de ambachtelijk bereide kaas : “Boulet de Cassel”.
Van Oxelaëre wandelde ik verder naar Sainte-Marie-Cappel en van daaruit verder naar Saint-Sylvestre-Cappel. Vanaf Sainte-Marie-Cappel zou ik verder de geel-rode tekens van de streek-GR Heuvelland volgen tot Eecke. Eventjes buiten Sainte-Marie-Cappel passeerde ik de bron van de Penebeek, een zijriviertje van de Ijzer. De lange kaarsrechte “chemin de Borre” leidde me bijna tot bij de TGV-lijn van Lille naar Londen. Op mijn terugweg had ik nu voortdurend de Mont des Cats in het vizier. In Saint-Sylvestre-Cappel  wordt het streekbier “3 Monts” gebrouwen. De streek GR-Heuvelland loopt echter niet door de dorpskern. Een lang graspad, dat ik herkende van het “Circuit du Klockhuis” bracht me terug tot bij het kerkje van Eecke.
Het was genieten van het prachtige weer, het zonnetje en de mooie landschappen van Frans-Vlaanderen.












zaterdag 28 april 2018

Langs de Frans-Vlaamse kust tussen Dunkerque en Calais

Een GR-dagstapper aan de Frans-Vlaamse “Côte d’Opale” tussen de havensteden Dunkerque en Calais.
We begonnen de wandeling vanuit Grand-Fort-Philippe, een plaatsje gelegen aan de monding van de gekanaliseerde Aa. Het dankt zijn naam aan het vroegere fort dat in de 16e eeuw door de Spaanse troepen aan de andere kant van de oever van de Aa werd gebouwd.
Heel jammer dat wat verderop de immense grijze “schreeuwlelijke” kerncentrale van Gravelines de mooie Noord-Franse kust ontsiert. Deze centrale heeft zes kernreactoren en is blijkbaar de op één na grootste kerncentrale van Europa. Ik vraag mij voortdurend af welke de gevolgen zouden zijn van een eventuele nucleaire ramp. Wie wil hier nog op vakantie komen? Er zijn nochtans heel wat campings in de omgeving.
Gelukkig ziet men de kerncentrale niet als men door de duinen en langs de kust richting Calais wandelt. We volgden een stukje van de GR120 (GR du Littoral)  en wandelden door de duinen van de “Réserve naturelle du Platier d’Oye” en over het strand. Het natuurgebied is pas sedert 1987 een officieel natuurreservaat en eerder klein wat oppervlakte betreft, maar het is een belangrijk broedgebied voor heel wat vogelsoorten.
Her en der in de duinen en langs het strand liggen nog heel wat restanten van Duitse bunkers uit de Tweede Wereldoorlog. Een heel merkwaardig bouwwerk is de “Tour Penchée”, een simulatie van een kerktoren. Het Duitse leger bouwde deze toren om de piloten van het Engelse leger in verwarring ter brengen. De Duitsers probeerden deze toren aan het einde van de oorlog te vernietigen, maar dit is duidelijk niet gelukt.
Op de terugweg verkozen we om op het strand langs de kustlijn terug te wandelen en daarna langs de havengeul van de Aa terug te wandelen tot bij de parking aan het “Calvaire des Marins”. Het was hoogtij en er was slechts een smalle strook strand vrij tussen de kustlijn en de hoge duinen. Het was lastig stappen over het mulle zandstrand. Pas toen we heel dicht de dijk van de havengeul waren genaderd, stelden we vast dat we onmogelijk via deze weg de parking konden bereiken. Bij vloed wordt het gebied van schorren en slikken immers door het  zeewater overspoelt. Er zat bijgevolg niks anders op dan een heel eind terug te wandelen via het strand en een doorgang te zoeken in de duinen en zo Grand-Fort-Philippe te bereiken.










zaterdag 31 maart 2018

Wandeling chez les Ch’tis in Bergues via de GR120 (GR du Littoral)

Tocht uit de Grote Routepaden “Dagstappergids Frans-Vlaanderen”.
Het kleine stadje Bergues ligt in het uiterste Noorden van Frankrijk een tiental kilometer ten zuiden van de Franse havenstad Duinkerke. Sint-Winoksbergen is de Vlaamse naam van het stadje, genoemd naar de vroegere abdij van Sint-Winoksbergen op de Groenenberg-heuvel. Ik bezocht het stadje voor het eerst in 2007 toen we vanuit Beauvoorde doorheen de Moeren naar Bergues wandelden (Beauvoorde-Bergues-Beauvoorde)
Ik parkeerde mijn wagen zoals aangegeven in de topogids op de parking bij het Fort Vallieres. De tocht begon met een passage door het Bois des Forts, een bos tussen Duinkerke en Bergues. Na een poosje zag ik de eerste rood-witte GR-markeringen van de GR120 of de GR-Littoral.
Toen ik het bos verliet, zag ik de eerste huizen van het Noord-Franse vestingstadje Bergues. Ik wandelde eerst op een smal langs de vesten tot bij de Porte au Boule en wat later kwam ik bij de Groenberg en de resten van de abdij van Sint-Winok: een robuuste platte toren en een slanke toren met spits: de Tour Pointue.
Ik wandelde niet door het centrum van Bergues maar volgde de versterkte omwallingen en passeerde enkele torens en toegangspoorten zoals de Kasselpoort. Bij het station liet ik de stad achter mij. De GR loopt nu verder richting Bierne en via een weg parallel aan de drukke A25-autoweg bereikte ik het gehucht Petit-Millebrugghe langs de Haute Colme.
Bij de brug verliet ik de GR en langs het jaagpad stapte ik terug naar Bergues. Nu wandelde ik wel door het stadscentrum van Bergues met zijn mooie Belfort en pauzeerde eventjes in een café.
Een lange kaarsrechte weg langs het Canal de Bergues leidde mij terug tot bij de parking. Langs het kanaal ligt het golfterrein van Duinkerke en het Fort Vallieres.
Mijn foto’s: Bergues 31 maart 2018

zaterdag 14 oktober 2017

Steenvoorde en een stukje GR128

Een stukje GR128 (Wissant-Aken) en Streek-GR Heuvelland net over de grens in Frans-Vlaanderen.
We startten vanuit Steenvoorde. Via Eecke, Saint-Sylvestre-Cappel, Sainte-Marie-Cappel en Terdeghem terug naar Steenvoorde.
Enkele foto’s: Steenvoorde 14 oktober 2017












zaterdag 2 september 2017

van Avesnes-le-Comte naar Frévent (GR121) (25 km)

Onze 11de etappe van de GR121 van Avesnes-le-Comte naar Frévent door de vallei van de Canche.
De Canche is een riviertje dat in Etaples in Het Kanaal uitmondt. De GR121 loopt vanaf Denier via Frévent en Hesdin tot voorbij Montreuil-sur-Mer door de vallei van de Canche.
We passeerden heel wat kleine dorpjes met prachtige kerkjes.
Een uitgebreider verslag volgt.












zaterdag 26 augustus 2017

van Arras naar Avesnes-le-Comte (GR121) (26 km)

Een tweetal maanden geleden waren we via de GR121 in Arras aangekomen (zie verslag). Vandaag wandelden we verder westwaarts van Arras naar Avesnes-le-Comte. Op weg naar Avesnes-le-Comte verlieten we de vallei van de Scarpe en maakten we kennis met de Gy, een zijriviertje van de Scarpe.
Het was een mooie, zonnige, zomerse en windloze dag. We moesten dus zelf voor de nodige afkoeling zorgen. Na negen kilometer konden we in Etrun ons vochtpeil op niveau houden in het café-restaurant “La Diligence”. Onderweg naar Etrun zagen we boven op een heuvel de ruïnes van de abdij van Mont-Saint-Eloi, een augustijnenabdij die tijdens de Franse Revolutie werd vernield. In 2010 stapten we in deze omgeving het Chemin des 3 Abbayes. De naam van deze wandeling verwijst naar de 3 abdijen die hier vroeger in deze regio waren: de ” Abbaye Augustine in Mont-Saint-Eloi, de “Abbaye des Dames” in Etrun en de “Abbaye Sainte Bertille” in Maroeuil.
Na de stop in Etrun stapten we verder door de vallei van de Gy. In Agnez-lés-Duisans was er een bakkerij. We kochten er een frisdrank en een taartje. Via Montenescourt, Lattre-Saint-Quentin en Noyelle-Vion stapten we terug naar Avesnes-le-Comte. In het plaatselijke café lesten we onze dorst. Van de 11 tochten die we ondertussen hebben gestapt over de GR121 vonden we het parkoers van deze etappe het minst geslaagd. De GR121 volgt tussen Arras en Etrun een poosje hetzelfde traject van de GR145 (Via Francigena) en de GR127.
Na de wandeling stopten we op de terugweg nog eventjes in Arras. Dit weekend werd er in deze levendige Noord-Franse stad ” La fête de l’andouillette” georganiseerd. Andouillette is eigenlijk een worst van de ingewanden en de maag van het varken. Zowat elke Franse regio heeft zijn eigen recept.
Op het grote en mooie Place des Héros en de Grand’Place was er heel wat volk samengetroept. De terrassen zaten overvol en iedereen genoot van deze mooie zomerse avond. Voor het stadhuis stonden de “reuzen” opgesteld, klaar voor hun optocht door de stad.
Mijn fotoreportage: Arras 26 augustus 2017