zaterdag 2 september 2017

van Avesnes-le-Comte naar Frévent (GR121) (25 km)

Onze 11de etappe van de GR121 van Avesnes-le-Comte naar Frévent door de vallei van de Canche.
De Canche is een riviertje dat in Etaples in Het Kanaal uitmondt. De GR121 loopt vanaf Denier via Frévent en Hesdin tot voorbij Montreuil-sur-Mer door de vallei van de Canche.
We passeerden heel wat kleine dorpjes met prachtige kerkjes.
Een uitgebreider verslag volgt.












zaterdag 26 augustus 2017

van Arras naar Avesnes-le-Comte (GR121) (26 km)

Een tweetal maanden geleden waren we via de GR121 in Arras aangekomen (zie verslag). Vandaag wandelden we verder westwaarts van Arras naar Avesnes-le-Comte. Op weg naar Avesnes-le-Comte verlieten we de vallei van de Scarpe en maakten we kennis met de Gy, een zijriviertje van de Scarpe.
Het was een mooie, zonnige, zomerse en windloze dag. We moesten dus zelf voor de nodige afkoeling zorgen. Na negen kilometer konden we in Etrun ons vochtpeil op niveau houden in het café-restaurant “La Diligence”. Onderweg naar Etrun zagen we boven op een heuvel de ruïnes van de abdij van Mont-Saint-Eloi, een augustijnenabdij die tijdens de Franse Revolutie werd vernield. In 2010 stapten we in deze omgeving het Chemin des 3 Abbayes. De naam van deze wandeling verwijst naar de 3 abdijen die hier vroeger in deze regio waren: de ” Abbaye Augustine in Mont-Saint-Eloi, de “Abbaye des Dames” in Etrun en de “Abbaye Sainte Bertille” in Maroeuil.
Na de stop in Etrun stapten we verder door de vallei van de Gy. In Agnez-lés-Duisans was er een bakkerij. We kochten er een frisdrank en een taartje. Via Montenescourt, Lattre-Saint-Quentin en Noyelle-Vion stapten we terug naar Avesnes-le-Comte. In het plaatselijke café lesten we onze dorst. Van de 11 tochten die we ondertussen hebben gestapt over de GR121 vonden we het parkoers van deze etappe het minst geslaagd. De GR121 volgt tussen Arras en Etrun een poosje hetzelfde traject van de GR145 (Via Francigena) en de GR127.
Na de wandeling stopten we op de terugweg nog eventjes in Arras. Dit weekend werd er in deze levendige Noord-Franse stad ” La fête de l’andouillette” georganiseerd. Andouillette is eigenlijk een worst van de ingewanden en de maag van het varken. Zowat elke Franse regio heeft zijn eigen recept.
Op het grote en mooie Place des Héros en de Grand’Place was er heel wat volk samengetroept. De terrassen zaten overvol en iedereen genoot van deze mooie zomerse avond. Voor het stadhuis stonden de “reuzen” opgesteld, klaar voor hun optocht door de stad.
Mijn fotoreportage: Arras 26 augustus 2017









vrijdag 11 augustus 2017

Wandeling in de Morvan (Bourgogne) vanuit Rouvray

Tijdens mijn korte vakantie in de Bourgogne maakte ik een wandeltocht door het Parc regional du Morvan. Ik startte vanuit Rouvray, een plaatsje in het departement Cote-d’or, gelegen tussen Auxerre en Dijon. Ik wandelde naar Saint-Leger-Vauban, het geboortedorp van Vauban en daarna terug naar Rouvray. Onderweg kreeg ik enkele stevige kuitenbijters te verwerken, waarna telkens weer een afdaling volgde naar een kabbelend beekje of riviertje . Het was echter vooral genieten van het mooie, heuvelachtige bocagelandschap en de vergezichten van deze groene en bosrijke streek in het hart van de Bourgogne.
Mijn foto’s: Rouvray 11 augustus 2017









dinsdag 1 augustus 2017

van Bollezeele naar Rubrouck via de GR Ijzer (GR130)

Een stukje GR130 (GR Ijzer) vanuit Bollezeele via Merckeghem naar Rubrouck.

Er was voldoende plaats om de auto te parkeren op het grote kerkplein van Bollezeele voor de Sint-Wadrillekerk. Ik volgde eerst een tweetal km een stukje GR dat ik kende van mijn vorige tocht vanuit Esquelbecq (zie verslag) tot bij de drukke weg van Bourbourg naar Cassel. Wat verder deed de “chemin du Couvent” mij afdalen naar de vallei van de Hollandbeek tot bij het gehucht “het Pantgat”. Aan mijn linkerkant boven op de heuvel stond de kerk van Bollezeele en voor mij lag een beboste heuvelrug met het kerkje van Merckeghem er boven.
Het GR-pad vervolgt bij Pantgat een poosje zijn weg door de lager gelegen vlakte. Daarna gaat het linksaf en omhoog naar Merckeghem. De deur van het randocafé “A la botte du lin” stond open en ik nam er een korte pauze. Aan de gevel naast de deur hangt een geel bordje met de benaming in het Vlemsch: “Herberge in de Vlasboote”. Ik ben hier dus duidelijk in Frans-Vlaanderen. De GR loopt verder via de hoofdstraat van het dorpje, de weg van Bollezeele naar Watten, en daalt daarna af tussen de bomen via een graspad. Ik waande me hier eventjes in het West-Vlaamse Heuvelland of de Vlaamse Ardennen.
Bollezeele en Merckeghem liggen boven op een heuvelrug, die de scheidingslijn vormt tussen de Ijzervallei en het Houtland aan de ene kant en de vlakke polders, het Blootland, langs de andere kant. Ooit, heel lang geleden, kwam de zee tot aan de voet van deze heuvel. Bijna onmiddellijk na de afdaling volgde opnieuw een klimmetje door een strookje bos tot bij de watertoren boven op de Galgeberg, het hoogste punt van de GR Ijzer.
Het GR-pad zette vervolgens koers richting Rubrouck. Ik passeerde eerst een kleine camping bij een boerenhof en bereikte een bruggetje over de Ijzer in de “Cappelle Straete”. De Ijzer is hier amper een beekje en zoekt zich een weg door het landschap. Nog een kleine bult over en voor mij lag Rubrouck. Net voor de eerste huizen verliet ik de GR130 en wandelde tot bij het kerkje.
Rubrouck is vooral bekend door Willem van Rubroek , de Vlaamse ontdekkingsreiziger en missionaris, die in de 13 de eeuw via het Midden-Oosten naar Mongolië doorreisde en van dit exploot in het Latijn een reisverslag neerpende. In 2011 maakten ik reeds kennis met het dorpje en het “Circuit des Mares” (zie mijn verslag). Achter het estaminet van Patricia Thoorens stond toen een Mongoolse Yurt opgesteld, die we konden bezichtigen. Ditmaal was het café “’t Huus van de Metsenaere” helaas gesloten. Na een ommetje rond het dorpje, begon ik aan de terugweg naar Bollezeele over de kaarsrechte “route de Bourbourg” en via het gehucht “t Hofland”. Bij het kapelletje en de “source Notre-Dame” kwam ik opnieuw op het GR-pad en wat later de marktplaats van Bollezeele.
In het dorp zijn er nog een drietal horeca-zaken waarvan enkel het café “aux Musiciens” open was. Veel keuze om de wandeling door te spoelen met een frisse pint had ik dus niet. Ik had nog een kleine babbel met de patron en patrones. Zij gaf mij nog enkele tips voor een later bezoek aan de regio.
De volgende etappe vanuit Rubrouck zal mij tot bij de bron van de Ijzer brengen in Buysscheure.
zie ook mijn blog: www.wandelblogdidierreynaert.be










zaterdag 15 juli 2017

GR: Ijzer (GR130) van Esquelbecq tot Bollezeele

Vervolg GR130 (GR Ijzer) door Frans- Vlaanderen: van Esquelbecq tot Bollezeele. Ik stapte terug via Zegerscappel.
Ik volgde verder de GR130 door Frans-Vlaanderen vanuit het boekendorp Esquelbecq tot eventjes voorbij Bollezeele. In Esquelbecq maakt het GR-pad eerst een ommetje via de “Mairie”, gelegen midden in een arboretum en de Britse soldatenbegraafplaats: “Esquelbecq Military Cemetery”. Bij het stationnetje ging het daarna in de richting van het gehucht “La Cloche” op het grondgebied van Zegerscappel. Hier staat langs de “Romeinse weg” vanuit Cassel een kapel gewijd aan Sint Bonaventure. Via de Chemin de la Cloche en de Rue du Peenhof loopt de GR130 verder door de Ijzervallei, parallel aan het riviertje richting Erkelsbrugge. De Ijzer is hier in feite niet veel meer dan een beek. Onderweg merkte ik de kerktoren op van Zegerscappel. Vanuit het gehucht Erkelsbrugge stapte ik verder naar Bollezeele. De boer had hier het GR-pad gewoon ingezaaid want het liep dwars door het korenveld. Op weg naar Bollezeele nabij de Ijzer passeerde ik nog een kapelletje bij een waterbron: de Source Notre Dame.
In het “Café du Centre” op de plaats van Bollezeele stopte ik een eerste maal en bestelde er een “grote” koffie. De GR had ondertussen de Ijzervallei verlaten en ik genoot van het panorama over de lager gelegen velden en akkers. Alhoewel ik wist dat Bollezeele amper op een boogscheut van de Franse kust lag, was ik toch verrast dat ik in het noorden de torens van de haven van Duinkerke en de kerncentrale van Gravelinnes kon zien. In het Zuidoosten lag het stadje Cassel boven op de heuvel. Wat verder verliet ik het traject van de GR Ijzer en begon aan mijn terugweg via Zegerscappel. Het kleine dorpje heeft het label “Village Patrimoine” en er zijn nog enkele mooie gebouwen uit het verleden te bewonderen: zoals onder andere de Sint-Omaarskerk en de Manoir d’Orval. Op weg naar Esquelbecq passeerde ik langs de “Romeinse Weg”  nog de camping Groene Veld. In de kantine genoot ik van een frisse pint. Een halfuurtje later bereikte ik opnieuw Esquelbecq. De Picon vin blanc had ik dik verdiend.
Mijn fotoreportage: Esquelbecq 15 juli 2017